17 is ze en haar ouders gaan scheiden

17 is ze. Een mooie leuke jonge meid. Ze komt bij mij omdat haar ouders dat belangrijk vinden. Voor haar had het niet gehoeven. “Er verandert toch niets. Mijn ouders zijn aan het scheiden en daar moet ik het mee doen, zegt ze”.
Ze houdt zich bezig met vriendinnen, make-up, kleding, school (saai) en hockey. Omdat haar ouders nog samen in 1 huis wonen en veel ruzie maken zorgt ze ervoor dat ze zoveel mogelijk weg is. Naar de stad, naar vriendinnen. We praten over het moment waarop zij te horen kreeg dat haar ouders uit elkaar zouden gaan. “Ik had het al aan zien komen, zegt ze. Ze hadden veel ruzie. Mijn vader was continue boos en mijn moeder boos en verdrietig. Tis beter dat ze gaan scheiden”.
Ik leg uit dat je met je hoofd en met je hart kunt kijken. Je hoofd zal zeggen: Tis beter dat ze uit elkaar gaan. Zouden ze bij elkaar blijven dan gaan ze nog meer ruzie maken of misschien elkaar zelfs slaan.
Maar wat zegt je hart?
Ze kijkt omlaag en is stil. En dan breekt ze. “Ik wil niet dat ze uit elkaar gaan. Ik wil dat ze het goed maken. We zijn een gezin en dat moet zo blijven. Ik wil niet in 2 huizen wonen. Mijn vader kan nog geen ei bakken, hij kan niet voor zichzelf zorgen. Wie helpt hem dan? Mijn moeder heeft vaak last van haar rug waardoor ze niet veel kan werken. Hoe moet zij dan rondkomen? Verdorie, ze hadden gewoon beter hun best moeten doen! Misschien als papa wat liever voor mama was geweest.
Ik weet dat ik niet altijd de gemakkelijkste was. Veel ruzies kwamen door mij. Omdat ik niet luisterde en mijn eigen gang ging. Wat als ik wel geluisterd had….”?
Ze huilt en huilt. Wat een groot verdriet.
Dan recht ze haar rug. “Pfff ik wist niet dat ik zó verdrietig was”.
Ik vraag haar of ze volgende week weer wil komen. Ze kijkt me aan en zegt: “Heel graag”.