Rouwen

Bij rouwen denken we vaak aan een overlijden van een dierbaar iemand. Rouwen doen we echter niet alleen om de dood. We rouwen bij een scheiding, we rouwen als een geliefde ernstig ziek is, we rouwen bij een ontslag van een baan, we rouwen als ons kind een beperking heeft en zo nog veel meer.

Mijn vader (en wij als zijn dochters) rouwt om mijn moeder. Omdat ze gegrepen is door een ziekte die haar geheugen heeft aangetast. De afgelopen jaren is ze veranderd van een zorgzame oma in een stille, teruggetrokken vrouw. Ze leeft in haar eigen wereld. Een andere wereld waar wij niet bij kunnen. Heel af en toe is er nog contact als ze haar ogen even open doet en ons recht aankijkt. Of als ze speelt met onze handen.

Ik zie de pijn bij mijn vader. Hoe hij zo goed mogelijk voor haar probeert te zorgen. Soms ongeduldig, maar zo liefdevol.

Deze week is hij bij ons. In het ons zo vertrouwde vakantiehuisje in Renesse. Eerst besloot hij om toch niet te komen. Bang voor de herinneringen die het zou oproepen. Herinneringen van hem samen met haar, fietsend door de duinen, wandelend over het strand, slapend hier in “hun” bed.

Deze herinneringen doen pijn, maar ik voel ook zoveel dankbaarheid omdat we deze herinneringen hebben. Vele mooie dierbare herinneringen met ons gezin. En samen, samen maken we er nieuwe herinneringen bij.

Het leven gaat door. Ook na een scheiding. Na mijn scheiding voelde het als “overleven”. Goed zorgen voor de kinderen, vooral ervoor zorgen dat zij zo min mogelijk last/pijn hadden. Met al gauw het besef dat ik ze niet kon beschermen voor de pijn van onze scheiding. Zij hadden hun eigen rouwproces te doorlopen. Ik probeerde er voor hen te zijn. Wat niet altijd lukte. Omdat ik ook mijn eigen verdriet had.

Terugkijkend heb ik jarenlang gerouwd. Gerouwd om dat wat er niet meer was. Onze droom, samen kinderen krijgen en oud worden. De pijn dat onze kinderen niet meer in een compleet gezin konden opgroeien was soms te groot. Echter moesten we door. En dan ontdekken hoe krachtig je als mens bent. Vallen en opstaan. Nieuwe uitdagingen. Soms gefaald, maar ook kleine successen behaald.

En nu is het mijn werk. Kinderen en ouders begeleiding bij hun rouwproces na een scheiding.

Ik geniet nog een paar dagen hier in Renesse, waar oud en nieuw bij elkaar komen.

Mats

Hans en Jorien gaan scheiden. Er moet van alles geregeld worden.

We bespreken verschillende punten zoals de omgangsregeling, hoe ouders zullen overleggen, ouderavonden enz.

Van hun dochter Julia (13 jaar) heb ik gehoord dat er ook een hond in het gezin is, Mats genaamd. Julia heeft me al veel over hem verteld. Dat hij heel lief is en lekker zacht. En dat hij graag achter een balletje aanrent en zwemt in het meertje in het bos. Mats slaapt in een mand op haar slaapkamer.

Ik vraag ouders bij wie Mats gaat wonen. Hans kijkt me aan en zegt meteen: “Bij mij niet! Ik heb een drukke baan en ik kan absoluut geen hond gebruiken. Jorien reageert door te zeggen dat ook zij het druk heeft en waarschijnlijk meer uren moet gaan werken. En Mats verhaart wat het nodige extra werk met zich mee brengt.

Dan volgt een discussie wie Mats in eerste instantie in huis heeft gehaald. En er wordt naar elkaar gewezen. Er wordt niet naar elkaar geluisterd en emoties lopen op.

Uit de mand die op mijn tafel staat pak ik een playmobil-poppetje. Een meisje. Daarnaast zet ik een hondje.

Het is even stil.

Jorien kijkt naar het meisje en de hond. “Julia is dol op Mats en hij op haar. Ze zal het verschrikkelijk vinden als Mats er niet meer is”.

Hans vindt dat Mats dan maar bij Jorien moet blijven.

Ik merk op dat ouders willen kiezen voor co-ouderschap. Dus Julia zal de helft van de week bij haar vader en de andere helft van de week bij haar moeder zijn. Daarnaast is Julia 13 en kan zij ook een rol spelen in het zorgen voor Mats; uitlaten, borstelen, een keertje stofzuigen.

Ik leg ouders uit dat een hond (huisdier) voor kinderen zóó belangrijk kan zijn, vooral in een moeilijke fase in hun leven zoals een scheiding.

Uiteindelijk besluiten ouders dat Mats blijft.

Ze zullen met Julia in gesprek gaan, haar de situatie uitleggen en met elkaar een plan maken zodat Mats samen met Julia om en om in de 2 huizen zal wonen.

Ik ben blij, blij voor Julia. (en voor Mats)

Joep

Ik weet niet waarom ze gescheiden zijn, zegt Joep.

Hij staart naar de tafel.

De ouders van Joep zijn 7 jaar geleden gescheiden. Joep was toen 2 jaar. De laatste tijd is hij vaak boos en heeft hij buikpijn.

Zijn ouders komen bij mij. Ze willen heel graag hun zoon helpen maar weten niet hoe. Een paar keer heeft Joep gezegd dat hij last van de scheiding heeft maar dat kunnen ze zich niet voorstellen omdat Joep nog heel jong was toen zijn ouders gingen scheiden en dus heeft hij er geen herinneringen aan.

Ik leg de ouders van Joep uit dat ook al heeft Joep geen herinneringen aan de scheiding hij er wel last van kan hebben. (en van de gevolgen)

Joep vertelt mij dat hij er van baalt dat hij op en neer moet tussen 2 huizen, dat zijn vader een vriendin heeft met 2 kinderen die ook leuke dingen met ZIJN vader willen doen en dat er altijd gezegd wordt; dat moet ik met je vader/moeder overleggen.

Al pratende blijkt dat Joep ook verdrietig is omdat hij zich niet kan herinneren hoe het was in de tijd dat zijn ouders nog samen waren. Deden ze leuke dingen met hem? Waren ze heel verliefd op elkaar? Hoe ging dat met z’n 3-en samen?

Ik geef ouders een aantal adviezen waaronder de volgende 2;

  • Ga samen met Joep rond om de tafel en leg hem (nogmaals) uit waarom jullie gescheiden zijn. Doe dit op een wijze die bij zijn leeftijd past. Dus zonder “grote-mensen-zaken” (zoals bijvoorbeeld “je vader ging vreemd”) te bespreken, maar geef hem een eenvoudige uitleg die hij kan begrijpen. Zorg dat jullie als ouders hierbij op 1 lijn zitten om te voorkomen dat hij 2 verschillende verhalen te horen krijgt. Eventueel kunnen jullie je verhaal ondersteunen met pen en papier (tekeningen van huisjes/hartjes/poppetjes enz)
  • Haal de foto-albums tevoorschijn. Ga samen (dit hoeft niet perse met z’n 3-en) met Joep kijken naar zijn baby-foto’s en vertel hem wat je nog van die tijd kunt herinneren. Vertel hem wat jullie samen deden, waar je zo om kon lachen, waar zijn moeder/vader goed in was, over de vakanties in Frankrijk enz enz.

Joep is nog een aantal keren bij mij geweest. De boosheid kwam steeds minder voor en ik hoorde van zijn ouders dat hij niet meer klaagde over buikpijn.

En mocht Joep de komende jaren nog ergens last van krijgen, dan is hij wederom welkom bij mij.

Liefde is leven

Zachtjes streelt hij haar wang. Kijk is wat lekker, zegt hij, terwijl hij de lepel voor haar mond houdt. Ze reageert niet wat hem ongeduldig maakt. Hij wordt wat dwingender. Ze moet eten. Eten is nodig om te leven. En hij wil haar niet kwijt. Nog niet.

Hoewel ze al ver weg is in die andere wereld waar hij niet bij kan, doet hij alles om haar zo lang mogelijk mogelijk hier te houden, dicht bij hem, dicht bij ons. Hij kan alle herinneringen niet meer met haar delen maar vergeten zal hij ze nooit. Al 56 jaar delen ze de liefde met elkaar.

Kijkend naar mijn ouders raak ik telkens weer ontroerd. Liefde is voor elkaar zorgen op de meest simpele wijze. Geen diamanten, verre reizen of een heel groot huis. Liefde zit in de kleine dingen. Een gebaar, een blik, een woord. Echte aandacht, een aai, een knuffel, een kus, een lach.

Laten we elkaar daar aan herinneren in moeilijke tijden zoals een scheiding. Ook al is een liefde minder geworden of zelfs gestopt, er is altijd nog zoveel liefde te ervaren.

Tranen

Onlangs vroeg iemand of ik alles wat ik in mijn werk mee maak van mezelf af kan zetten op het moment dat ik naar huis rijd.

De eerste jaren ging dat goed. Met uitzondering was er een casus waarbij de pijn van de kinderen me zo raakte dat ik er soms in het weekend mee bezig was. Echter het afgelopen jaar merk ik dat er steeds heftigere casussen komen. Vechtscheidingen, ouderverstoting, overlijden van een ouder, ontvoering enz. Ook kreeg ik te maken met boze ouders die hun boosheid op mij richten omdat ze dingen van me vroegen die ik ze niet kon/wilde bieden omdat het niet in het belang van hun kind was. Soms lag ik er letterlijk wakker van. En besefte ik dat het zo niet verder kon.

Na mijn zomervakantie heb ik een bericht op mijn zakelijke Facebookpagina gezet dat ik alleen nog met gemotiveerde ouders wilde werken. Maar ook al lijken sommige ouders wel gemotiveerd, ondertussen blijven ze toch strijd voeren met de andere ouder en lijken ze niet te zien wat dit met hun kind doet.

Ik volg een opleiding Energetisch Systeemtherapeut waarin ik vooral bezig ben met mijn proces. Eigenlijk is het een opleiding Leren Voelen en Bewust worden. Ik geloof namelijk dat alles wat er op ons pad komt ons iets spiegelt. Als bijv iemand je kwetst/irriteert/boos maakt dan is dit een spiegel voor jou. Het is niet altijd gemakkelijk om te zien wat die spiegel inhoudt. Gelukkig kan ik binnen mijn opleiding maar ook daar buiten met een aantal lieve mensen sparren en zij kijken met mij mee. 

Er van uitgaande dat er overal spiegels zijn, kan ik ook van mijn cliënten het nodige leren. Wat betreft mijn vak maar ook wat betreft mijzelf als mens, als Yvonne, als vrouw.

En ja, onlangs waren er nog tranen. Bij het afscheid van een cliënt. Onverwachts overleden en moeder van 2 kinderen. Tranen omdat bij dit afscheid de oudste zijn moeder toe sprak op een manier die me diep raakte.

Mijn werk is mensenwerk. En net als alle kinderen en ouders die bij mij komen ben ik ook gewoon een mens.

Vakantie

Tijdens mijn vakantie neem ik me altijd voor om terug te blikken op het afgelopen jaar en nieuwe plannen te maken voor het nieuwe jaar. Deze vakantie heb ik dit niet gedaan. Ik was toe aan ontspanning. Heb veel gewandeld (voor het eerst hoog in de bergen) en veel gelezen. Even helemaal er uit. En dat was heerlijk!

Eenmaal terug ben ik er wel voor gaan zitten en heb ik me de vraag gesteld waar ik mee door wil gaan en wat ik anders zou willen. 1 ding was meteen duidelijk; ik wil werken met gemotiveerde ouders. Dus niet meer met ouders die JA zeggen maar niets doen behalve klagen en wijzen naar de andere ouder. 

Ik wil werken met ouders die ondanks de scheiding en de pijn die dit met zich mee brengt zich voor de volle 100% willen inzetten voor goed ouderschap. Dit houdt in dat ouders hun uiterste best doen om samen te zorgen voor hun kinderen. Dit hoeft niet in te houden dat ze van alles samen met de kinderen gaan ondernemen en wekelijks bij elkaar op de koffie gaan. (mag natuurlijk wel…;-) Voor mij houdt het in dat ouders elkaar informeren en met respect (indien niet mogelijk, dan op neutrale wijze) met elkaar omgaan en het kind de vrijheid geven om van beide ouders te houden en te genieten. Hierbij hoort ook dat “grote-mensen-zaken” bij de grote mensen blijven en niet met kleine mensen besproken worden. 

Het feit dat kinderen niet voor een scheiding kiezen maar er ongevraagd mee moeten dealen vereist van ouders dat zij alles doen wat zij in hun macht hebben om hun kinderen onbezorgd en vrij te laten opgroeien zodat ze zich optimaal kunnen ontwikkelen.

Betekent dit dan dat ik geen begeleiding bied bij vechtscheidingen? Ook als er sprake is van een vechtscheiding kunnen ouders (en kinderen) bij mij terecht. Ik eis van ouders hun volledige inzet, in het belang van de kinderen. Ouders gaan met mijn begeleiding aan de slag om de situatie voor de kinderen te verbeteren en voor meer rust te zorgen. Daarbij zal ik zeker een beroep doen op het zelfreflecterend vermogen van ouders. Alleen maar wijzen naar de ander en jezelf goed praten is geen manier om tot een verbetering te komen.

Wil 1 ouder zich inzetten voor verbetering, maar wil de ex-partner niet mee doen, dan is ook deze ouder welkom bij mij. Alle beetjes helpen en ik geloof erin dat als 1 ouder bereid is naar zijn rol/gedrag/communicatie te kijken en daarin zich wil verbeteren dat dat altijd een positief effect heeft, sowieso op de kinderen.

Opnieuw contact

Samen met zijn 2 zusjes wordt Ramon door zijn ouders bij mij aangemeld. Moeder maakt zich zorgen om de kinderen vanwege de onrust van de scheiding. Vader wil weer contact met zijn zoon. De ouders van Ramon zijn na een hoogoplopende ruzie uit elkaar gegaan. Ramon vertelt me later dat hij ‘s ochtends vertrok naar scoutingkamp, zijn vader hem veel plezier wenste en toen hij na een paar dagen terug kwam was zijn vader ineens weg. En inmiddels heeft hij hem een jaar niet meer gezien.

Tussen ouders verliep de communicatie heel slecht. Ramon zag zijn moeder met regelmaat huilen en hij probeerde haar te troosten. Moeder voelde zich gesteund door Ramon en vertelde hem van alles over wat er speelde. Ook over “grote-mensen-zaken”, zaken die niet bij Ramon horen. Al heel snel besloot Ramon niet meer naar zijn vader te gaan. Ramon was boos. Hij vertelde me dat zijn vader er voor zorgde dat hij, z’n zusjes en zijn moeder 2 keer moesten verhuizen, dat zijn moeder te weinig geld had, dat zijn moeder vaak verdrietig was en dat het niet meer gezellig was in huis. Ramon wist me te vertellen over herinneringen waarin zijn vader er niet voor hem was. Herinneringen die te maken hadden met grenzen stellen, regels, te hoge verwachtingen hebben, voortrekken en nog veel meer. Voor hem was duidelijk dat zijn vader alleen aan zichzelf dacht. Als zijn zusjes naar hun vader gingen, bleef Ramon bij zijn moeder. Ramon vond dat prima. Wij lijken heel veel op elkaar, mijn moeder en ik, zei hij. Samen keken ze urenlang films en gingen ze op familiebezoek. Ze aten dingen die zij lekker vonden en waarvan vader vroeger altijd zei dat hij dat niet lustte. Ze liepen de hele dag in hun pyama wat vader nooit prettig vond.

Vanaf de eerste begeleiding heb ik Ramon gezegd dat ik hem niet ga dwingen om naar zijn vader te gaan. Maar dat ik hem ook niet ga helpen om een “lijntje door te knippen”. Ik heb hem uitgelegd dat alle kinderen lijntjes met hun ouders hebben. Dat er dingen in het leven kunnen gebeuren die heel pijnlijk zijn waarbij het doorknippen van het lijntje DE oplossing lijkt te zijn. Samen met Ramon wil ik gaan kijken wat er in hem speelt. En dus zijn we aan de slag gegaan.

Ramon kon zijn boosheid, verdriet en angst uiten en ik gaf uitleg over wat een scheiding voor ouders betekent, dat ze pijn voelen en de ander daarvoor aansprakelijk stellen. Langzaamaan kon Ramon ook de fijne herinneringen weer toelaten. Ook had ik gesprekken met zijn moeder waarop ik haar wees op haar rol. Zij kon het tenslotte maken of breken. Gelukkig pakte ze dit goed op, liet de “grote-mensen-zaken” daar waar ze behoorden en het lukte haar steeds vaker om niet meer negatief maar neutraal over Ramon zijn vader te praten. Met vader sprak ik over zijn boosheid en verdriet. Maar ook over zijn onmacht, het niet meer weten wat te doen om de situatie positief te veranderen en over pubers en wat zij nodig hebben.

Ik heb Ramon aangeboden, mocht hij zo ver zijn, om samen met mij met zijn vader te gaan praten. Dit doe ik vaker met ouders en kinderen en heb daar vele positieve ervaringen mee. Dit houdt in dat ik met het kind het gesprek voorbereid. Alles heel duidelijk opschrijf op een A4-tje. Als het moment daar is vraag ik of het kind eerst wil komen. Dan vraag ik hem waar hij wil zitten, wat hij wil drinken en of hij wat lekkers wil. De meeste kinderen willen naast mij zitten en de ouder tegenover hen. Het A4-tje leg ik tussen ons in. Voor kinderen die heel zenuwachtig zijn is het fijn als ze een pen of stiften hebben zodat ze tijdens het gesprek wat kunnen tekenen of kleuren. Continue in iemands ogen kijken is op zo’n moment teveel. En dan start ik het gesprek. Ik maak het begin en het kind gaat verder, indien nodig met mijn hulp. Soms gebruiken we duplo-poppetjes om de situatie meer te verduidelijken.

Zo ook bij Ramon. Ik begon en hij nam het over. Ik heb met giga-veel bewondering naar hem gekeken en geluisterd. Wat een wijze jongen! Hoezo 12 jaar?!! Haarfijn wist Ramon zijn vader uit te leggen hoe het afgelopen jaar voor hem had gevoeld. Wat hem pijn had gedaan, wat zijn gedachten waren en hoe hij er nu naar keek. Haast met een volwassen kijk vertelde hij dat hij begreep dat zijn ouders ieder hun eigen verhaal en beleving hebben, dat hij niet naar DE waarheid moest zoeken en dat hij in zag dat zijn vader ook goede bedoelingen had. Zijn vader luisterde, knikte, zei weinig en keek hem aan met tranen in zijn ogen. Na het verhaal van Ramon gaf vader hem een groot compliment. Dat hij zóó trots was op zijn zoon die hem dit allemaal kon vertellen. En vader gaf toe dat hij fouten had gemaakt. Dat hij tekort was geschoten en dat hij er meer voor zijn oudste kind had moeten zijn. Vader had grenzen gesteld om zijn zoon te “beschermen” en nu zag hij in dat hij hem daar mee klein hield. Hij gaf toe dat hij niet wist wat een puber nodig heeft en dat hij daarin wil leren.

En toen kwam de vraag; Hoe nu verder? Ik stel voor dat Ramon binnenkort een middag naar zijn vader gaat. En dat ze tussendoor af en toe met elkaar appen. Om weer meer betrokken te raken in elkaars wereld. Beiden stemmen in. Vader gaat naar huis en ik praat nog even na met Ramon. Het viel mee en ik vond het een heel fijn gesprek, zegt Ramon. Zichtbaar oplucht en blij verlaat hij mijn praktijk.

Binnenkort zie ik hem weer. Ben benieuwd naar het vervolg…..

Kleuters

Samen komen we tot de conclusie dat ouders/grote mensen soms kleuters zijn. “Nee, zegt Evi (10 jaar), Peuters! Want mijn neefje is een kleuter en die is slimmer”.

Evi komt al langer bij mij. Soms zit er een paar maanden tussen en dan is ze er weer. Ze vindt het fijn om af en toe langs te komen om te vertellen hoe het met haar gaat. We praten dan over de leuke en fijne dingen maar ook over de moeilijke en lastige dingen. Als ze binnenkomt doet ze haar schoenen uit, kruipt dan op een stoel en bestelt “vieze zure matjes”. (het woord vies komt van mij omdat ik zure matjes echt vies vind maar de meeste kinderen vinden ze erg lekker) Evi is een meisje die voluit kletst over alles wat er is gebeurd en ook over hoe zij het ervaren heeft. Ze kan heel goed haar gevoel benoemen en ze vertelt me over het Paasontbijt op school, dat het praten met haar moeder steeds beter gaat en dat haar vader plannen heeft om te gaan samen wonen wat Evi leuk vindt.

Evi vertelt over haar familie. Haar vader heeft een vriendin waar hij heel gelukkig mee is. Nou is de oom van Evi (man van de zus van vader) jarig. Er zal een groot feest zijn. En de ouders van Evi zijn allebei uitgenodigd. Maar zowel de oom van Evi als de moeder van Evi hebben gezegd dat zij niet met de vriendin van vader zullen praten. Dus heeft vader besloten dat hij en zijn vriendin niet op het feest zullen zijn. De zus van vader (tante van Evi) is hier heel verdrietig om en heeft tegen haar man gezegd dat zij niet bij het feest van haar man wil zijn als hij zich zo gedraagt. Evi en haar broertje hebben nadat ze dit hoorden ook besloten om niet naar het feest te gaan. En Evi denkt dat haar oma (moeder van vader) ook niet zal komen. Met andere woorden, het lijkt er op dat straks de hele familie met elkaar overhoop ligt.

Ik begrijp van Evi dat ze van alles op de hoogte is. Ik leg Evi uit dat ik vind dat sommige dingen “grote-mensen-zaken” zijn en dat die niet met kinderen besproken moeten worden. Sowieso niet alle details. Ik zie namelijk aan Evi dat het onrust bij haar teweeg brengt. Evi heeft met haar moeder gesproken in de hoop dat haar moeder toch gewoon “Hallo” zou kunnen zeggen tegen de vriendin van vader. Maar moeder heeft gezegd dat ze dat niet gaat doen. Evi heeft medelijden met haar tante omdat oom geen rekening lijkt te houden met de gevoelens van tante. Verder maakt Evi zich zorgen om oma. Want oma heeft nog steeds veel verdriet van het overlijden van opa, 1,5 jaar geleden. Evi denkt niet dat oma dit er nog bij kan hebben.

Evi bijt op haar nagels. We praten over school, onder andere over een meisje uit haar klas die ze “haat”. Ik vraag haar hoe ze met dit meisje omgaat. Evi geeft toe dat ze liever niet in een groepje zit met dit meisje maar dat ze wel met haar praat en haar ook helpt als ze hulp nodig heeft. Dus jij kan dat wel, vraag ik? Ja, zegt ze, ik wel maar die grote mensen niet!!

Dus komen we tot de conclusie dat grote mensen een puinhoop van iets kunnen maken waardoor vele mensen en dus ook kinderen gekwetst worden. “Mijn ouders zijn gescheiden zegt Evi, maar ik wil gewoon mijn hele familie kunnen zien en het samen gezellig hebben. Dat moet toch kunnen”??

De baas willen zijn

Van haar ouders en haar juf hoor ik dat Saar in alles de baas wil zijn. Zij wil bepalen hoe het spel gaat, hoe laat ze naar bed gaat en wat haar ouders wel of niet doen. In mijn praktijk zit ze tegenover me. Een mooi meisje, net 8 jaar, met mascara op haar lange wimpers en oogschaduw op haar oogleden. Ze vertelt me over hoe ze jongens in elkaar slaat als ze haar willen aanraken, En dat ze heel boos kan worden als het niet gaat zoals zij het wil. Ze vertelt over haar ouders. Dat haar vader weg is gegaan. Dat hij alleen wilde zijn en nu in een appartement woont. Dat haar moeder wil dat hij terug komt en dit dagelijks blijft herhalen. Dat ze als de dood is dat haar vader een vriendin krijgt, dus probeert ze hem zo goed mogelijk in de gaten te houden en te observeren. Dat ze nog bij haar moeder slaapt omdat haar moeder nog zo verdrietig is en Saar nu de enige in huis is die dezelfde achternaam als haar vader heeft. Dat ze ook nog bij haar vader slaapt omdat ze daar ooit een enge film heeft gezien. Vader geeft toe omdat hij bang is dat Saar anders minder bij hem zal willen zijn.

8 jaar maar ik zie een meisje voor me die zich letterlijk en figuurlijk ouder en ouder maakt. Ze flipt als haar moeder naar een andere man zwaait of als haar vader niet snel genoeg reageert op een app wat volgens Saar zou kunnen betekenen dat hij bij een andere vrouw is. Ze wil zelf bepalen wanneer ze naar haar vader gaat en wanneer ze weer terug gaat naar haar moeder.

Ik spreek haar ouders. Vader is vastbesloten dat de relatie met moeder over is en dat het leven verder gaat. Moeder kampt nog met veel boosheid, verdriet en pijn en blijft zich afvragen waarom vader niet terug komt zodat iedereen weer gelukkig kan zijn.

Het is niet raar dat dit meisje de baas wil zijn. Haar wereld is onduidelijk en onveilig. Op haar manier probeert ze grip te krijgen op alles om haar heen. Haar ouders dienen haar die duidelijkheid en veiligheid te bieden waardoor zij gewoon kind kan zijn. Ik bespreek met ouders wat Saar nodig heeft. Moeder verwijt vader dat hij dit alles heeft veroorzaakt. Ze staat op en verlaat mijn praktijk. Later mail ik haar maar de deur blijft dicht. Ik voel onmacht, omdat ik zo graag voor Saar wil dat haar wereld fijner wordt. Tegelijkertijd weet ik dat het niet mijn taak is maar de taak van haar ouders om die wereld beter en veiliger te maken.

Slechte dingen zeggen

Toen ze voor het eerst bij me kwam, dacht ik meteen; Wat een mooi meisje. Vol vertrouwen stapte ze bij me binnen. 4 jaar oud, bijna 5. Nog heel jong dus. Ze geeft me een hand, zegt dat ze Saar heet en kijkt in het rond. We praten over de dingen waar ze blij van wordt. Van K3! Daar is ze dol op. Ze weet me alles over K3 te vertellen en hoopt zelf later ook een zangeres van K3 te worden. Op mijn vraag waarom ze bij mij komt, antwoordt ze dat haar papa en mama gescheiden zijn en dat ze er veel last van heeft. Ik verbaas me over haar sterke communicatie. Hier zit een slim, wijs meisje voor me.

Saar vertelt dat haar papa boos is op haar mama. Hij zegt dat mama al zijn geld bij de bank heeft opgehaald. En dat hij nu bijna geen geld meer heeft. Toch doet hij nog wel af en toe leuke dingen met haar en haar broertje. Ze kijkt me vragend aan. Ik zeg dat ik haar zorgen begrijp en dat ik niet weet hoe papa en mama het geld verdeeld hebben, maar dat papa niet tegen Saar moet zeggen dat mama al zijn geld heeft gepakt. Ook leg ik haar uit dat geld een “grote-mensen-zaak” is. Niet iets waar kleine meisjes zich mee bezig moeten houden. Ik teken 2 cirkels, In de bovenste teken ik een groot poppetje en zeg dat dat de “grote-mensen-zaken” zijn. In de onderste teken ik een klein poppetje, wat betekent dat dat de “kleine-mensen-zaken” zijn. En er tussen zet ik met een stift een dikke streep. Dit betekent dat die 2 zaken niet door elkaar heen moeten lopen. Kinderen mogen altijd alles vragen. Maar papa’s en mama’s hoeven niet altijd op alles antwoord te geven omdat kinderen voor sommige dingen te jong zijn.

Saar zegt dat haar vader telkens weer verteld dat haar mama een vriend heeft. En dat die bij mama komt als Saar boven ligt te slapen. Van moeder had ik al gehoord dat Saar met regelmaat ‘s avonds haar bed uit kwam. Om te checken of er beneden een man op de bank zit. Als Saar aan haar moeder vraagt of ze een vriend heeft, zegt moeder heel nadrukkelijk dat dat niet zo is. En mocht er wel een vriend komen, dat moeder het dan aan Saar zal vertellen. Saar vindt het niet fijn dat papa zo over mama praat. Ze wordt er verdrietig van.

Aan de hand van het boek “Kamil, de groene kameleon” teken ik een blauwe cirkel (dat is papa) en een gele cirkel (dat is mama). De cirkel die eronder teken is groen (dat is Saar want blauw en geel samen is groen). Als blauw/papa slechte dingen zegt over geel/mama dan wordt groen/Saar daar verdrietig van. Want in Saar zit ook geel. Dat klopt zegt Saar, want ik krijg er tranen en buikpijn van. Zou geel/mama iets slechts over blauw/papa zeggen, dan zou dat ook zo voelen. Saar knikt.

Ik pak een rol papier, scheur een groot stuk eraf en laat haar haar ouders tekenen. Ze tekent papa helemaal links en mama helemaal rechts. Als ik haar vraag om zichzelf te tekenen, twijfelt ze. Dan besluit ze om zichzelf en haar kleine broertje in het midden te tekenen. Wat dat is het eerlijkst, zegt ze. Daarna vertelt ze over wat ze wel en niet fijn vindt bij haar vader en haar moeder. Zo vindt ze dat haar moeder te vaak moppert. En dat ze dat minder moet gaan doen. Ik schrijf het erbij. Het is een geweldige tekening geworden. Saar is trots op haar tekening. Ik herhaal wat er bij haar tekeningen staat en ze bevestigt dat het allemaal klopt.

Ik rol het papier op, doe er een elastiekje omheen en geef ‘m aan haar. Trots loopt ze naar de wachtruimte waar hij moeder en haar kleine broertje zijn. Ze houdt de rol omhoog en roept dat ze een tekening heeft voor papa en mama. Een paar dagen later stuur ik beide ouders een mail waarin ik uitleg wat Saar me mij heeft gedeeld (Saar had hier mee ingestemd). Ook mail ik wat schadelijk en pijnlijk is voor een kind en wat een kind nodig heeft. Moeder reageert op mijn mail, van vader hoor ik niets.

Na een maand zie ik Saar weer. “Het heeft geholpen, zegt ze blij. Papa zegt geen slechte dingen meer over mama”. Ze vertelt dat ze samen met papa naar haar tekening heeft gekeken. In eerste instantie had vader gezegd dat hij nooit iets slechts over moeder zei. Gesterkt door haar tekening heeft Saar haar vader toen heel duidelijk gemaakt dat dat wel zo was. Volgens Saar deed hij dat bijna iedere dag als ze bij hem was. Ook had ze hem, aan de hand van 4 gezichtjes die ik altijd mee geef, laten zien dat het haar verdriet deed, iedere keer als hij iets slechts over haar mama zei. Dan zegt ze met een grote lach: “Papa wil niet dat ik verdrietig ben, dus heeft hij mij beloofd om niets slechts meer over mama te zeggen. En hij heeft het niet meer gedaan”!

Daarna ratelt ze verder over allerlei andere leuke dingen die haar bezig houden. Wat fijn dat deze vader naar zijn dochter wilde luisteren. Saar kan weer huppelend verder.