Soms is er zo’n woord wat dagenlang terug komt.
In dingen die er gebeuren, in gesprekken met anderen.
Omdat ik graag wil weten wat zo’n woord mij te zeggen heeft, gebruik ik het om er mee te schrijven.
Ik duik er als het ware in en ontrafel het.
Klinkt misschien als abracadaba, maar mij geeft het inzichten.
Google: Onmacht betekent machteloosheid of onvermogen, een gevoel van niet in staat zijn om een situatie te veranderen, ondanks dat je het wel zou willen.
Onmacht, we kennen het gevoel allemaal.
Bijvoorbeeld bij een SCHEIDING.
De onmacht die je voelt als je relatie het niet gaat redden.
De onmacht die je voelt omdat je de situatie niet kan veranderen.
De onmacht die je voelt omdat je de ander niet kan veranderen.
De onmacht die je voelt omdat je niet kan controleren wat de scheiding nog meer teweeg zal gaan brengen.
De onmacht die je voelt omdat je je je kinderen niet een thuis kan bieden met beide ouders samen.
Onlangs sprak ik een oud-cliënte die al jarenlang 1 van haar kinderen niet meer ziet.
De onmacht was daar ook.
Ik voelde ‘m in alle uitgesproken zinnen.
En ik voelde onmacht omdat ik die situatie jaren geleden niet heb kunnen veranderen.
Ik voel de onmacht bij kinderen/jongeren die ik begeleid die ZO hun best doen om het “goed” te doen voor beide ouders in de hoop dat er dan meer rust en vriendelijkheid gaat komen.
Een gevoel van onmacht kan er voor zorgen dat we in de put zakken.
Het nog groter maken waardoor bijna niets meer zin heeft.
Maar we kunnen het gevoel van onmacht ook negeren en voor een strijdmodus “kiezen”. En door en door gaan.
Ik geloof er in dat het nodig is om de onmacht te VOELEN.
De boosheid uit te spreken, de tranen te laten vloeien.
Eerst dus naar binnen en daarna weer naar buiten.
Om een weg te vinden hoe verder te gaan.