Dochterlief:
“Toen we vroeger in de Schoolstraat woonden kwam jij vaak niet gezellig thuis”.
Gisteren, toen we samen een broodje aten, hadden mijn dochter en ik het over vroeger.
Over de tijd na de scheiding.
Ik werkte fulltime, eerst een baan waarbij ik ook onregelmatige diensten had, later werkte ik bij Jeugdzorg.
Ik herinner me hoe ik alle ballen hoog probeerde te houden.
Vooral de baan bij Jeugdzorg vroeg veel van me. Teveel.
En als ik dan thuis kwam na een lange dag, 4 kinderen in de woonkamer speelden en bijvoorbeeld de aanrecht vol stond met vuile vaat van hen (terwijl de vaatwasser er onder stond), was dat vaak de prikkel die ik er niet meer bij kon hebben.
Ik was dan inderdaad NIET gezellig.
De opmerking van mijn dochter raakt me zeker.
Wat ik haar niet verwijt, want ze heeft gelijk.
En even voel ik: “Ik heb het niet goed gedaan” en “Ik had het beter moeten doen”.
En heel even maak het groot: Ik was geen goede moeder.
Terugkijkend op die tijd voelde het als overleven.
Gescheiden, fulltime werken, huishouden èn zo goed mogelijk voor de kinderen zorgen.
Ik heb zeker mijn best gedaan.
Was ik perfect? Nee.
Kon ik mijn kinderen beschermen tegen alle kwaad? Nee.
Was ik een slechte moeder? Nee.
Dus, ben jij net gescheiden?
Ben zacht voor jezelf.
Scheiden is ook rouwen.
Een nieuwe weg zien te vinden.
En dat vraagt veel van je.